Steun ons en help Nederland vooruit

Op weg naar een betere, toekomstbestendige jeugdzorg

Het jaar 2014 is het laatste jaar waarin provincies verantwoordelijk zijn voor de jeugdzorg én voor een goede overdracht. Oftewel: de provincie moet de winkel verbouwen terwijl deze klantgericht open moet blijven. Tijdige kwalitatief goede zorg moet gewaarborgd blijven, ook ná 2014.

Voor de provincie zit er een spanningsveld tussen het loslaten en tegelijk nog wettelijk verantwoordelijk zijn. Toch is dat loslaten precies wat moet gebeuren. Gemeenten die op koers liggen moeten het vertrouwen krijgen van de provincie. D66 heeft er al vroeg op aangedrongen om gemeenten de maximaal mogelijke ruimte te geven en is blij dat ze die dit jaar ook krijgen van de provincie. Zo kan ervaring worden opgedaan met de nieuwe verantwoordelijkheden zoals bijvoorbeeld de inkoop van zorg. Hierbij blijft zorgvernieuwing belangrijk door bijvoorbeeld te stimuleren dat zorgaanbieders zo optimaal mogelijk samenwerken. Zo kan met elkaar het zorgaanbod worden afgestemd op de vraag vanuit gemeenten en op nieuwe ontwikkelingen; bijvoorbeeld residentiële zorg voor een deel ombouwen naar pleegzorg waar veel meer vraag naar is. Wijzigingen in het zorgaanbod is belangrijk. Immers: de transformatie, de vernieuwing, moet zorgen voor een betere jeugdzorg. De transitie, de wettelijke wijziging van geldstromen en verantwoordelijkheden, is slechts een voorwaarde hiervoor. In dit proces van loslaten moet de provincie vinger aan de pols houden; zij blijft tot de nieuwe wet in werking treedt eindverantwoordelijke.

D66 heeft vanaf het begin van het transitie- en transformatieproces gehamerd op een goede samenwerking met gemeenten, Bureau Jeugdzorg, de zorgaanbieders het rijk én de cliëntenraden. Daarbij is goed management van eisen en verwachtingen en borging van deskundigheid op lokaal niveau voor D66 steeds leidend.

Laatst gewijzigd op 5 september 2014