Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 9 maart 2017

Statenblog: ‘Gedragscode integriteit’

Op onze Provinciale Statenvergadering van 13 maart staat een sterstuk geagendeerd: vaststelling van een nieuwe gedragscode integriteit. Sterstuk betekent dat we het er niet meer over hoeven te hebben voor we besluiten.

In een Commissievergadering, een voorportaal van de Staten, hebben we er wel even bij stilgestaan, maar zonder veel vuurwerk. Los van de precieze definities en grensbedragen van geschenken die je nog net wel of net niet meer mag aannemen, weet iedereen immers wel waar het om gaat bij integriteit. In de toelichting op de gedragscode wordt de schrijver C.S. Lewis geciteerd: ‘doing the right thing, even when no one is watching’. Iedereen is het er over eens en het mag vanzelf spreken, het gaat lang niet altijd goed. En geen enkele politieke partij blijkt immuun voor integriteitsincidenten. Omkoping, intimidatie, grensoverschrijdend gedrag, nepotisme en wat dies meer zij, ze komen in de beste kringen voor. Je kunt hoogstens zeggen dat naarmate de macht meer geconcentreerd is en ook nog over een langere periode de kans toeneemt op uitglijders op dit front. Lord Acton zei het in 1887 al: ‘Power corrupts, and absolute power corrupts absolutely.’

Het is wel een bijzonder toeval dat net deze week in een andere provincie de Commissaris van de Koning moest aftreden omdat hij (en niet eens voor het eerst) familiebelang en publiek belang niet uit elkaar wist te houden. Een zuiver gevalletje van gebrek aan integriteit. En dat om een dingetje van niks, een opdracht van een paar duizend euro voor een schoonzus. Als je de zaak-Tichelaar beschouwt, herken je een vast patroon van ontkennen, bagatelliseren, schuld afschuiven, nederig excuus maken en dan ten slotte de eer aan zichzelf houden. Wegsturen had ik mooier gevonden, maar die fase wordt slechts zelden bereikt. Ook in het Drentse geval zou naar het zich liet aanzien alleen de oppositie voor een motie van wantrouwen hebben gestemd, terwijl het gaat om een kernwaarde van vertrouwen. Ik weet niet of het bij ons in voorkomend geval bij een lid van Gedeputeerde Staten of Provinciale Staten heel anders zou gaan. Dat is jammer, want juist bij integriteitsschendingen is het van belang dat de politiek zelf de stal uitmest en liefst unisono laat zien dat voor bestuurders en volksvertegenwoordigers een hoge norm geldt. De stelling van minister Dales van inmiddels 25 jaar geleden geldt nog onverkort ‘een beetje integer kan niet’. Gewone burgers zijn supergevoelig voor integriteitsissues rond politici en verwachten dat de politiek dan zelfreinigend optreedt. Ook als het om klein bier gaat. Het is niet toevallig dat het NOS-journaal woensdagavond opende met het aftreden van Tichelaar. Als we niet tot zelfreiniging in staat zijn, dragen we bij aan cynisme en wantrouwen.

Ik ben ervan overtuigd dat dat zo is en dat we dus geen enkele tolerantie mogen accepteren als het om integriteit gaat. Maar wat moet ik daarmee in tijden van Trump (of iets eerder al democratisch gekozen leiders als Berlusconi of Poetin)? Wat moet ik, nu blijkt dat burgers al zo wantrouwend en cynisch zijn dat ze rustig kiezen voor leiders die ostentatief lak hebben aan integriteit, laat staan aan integriteitscodes? Ik denk dat we geen keus hebben dan toch maar vast te houden aan de strikte norm. Als we onze democratische instituties willen beschermen en op langere termijn geloofwaardig willen houden, moeten we hard optreden tegen elke vorm van rot van binnenuit. En daarom is het zo goed en nodig dat Tichelaar aftrad, en veel liever nog Staten-breed was weggestuurd.

Michel Groothuizen